bàn

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Schots-Gaelisch

Uitspraak
IPA: ban

Bijvoeglijk naamwoord

bàn

  1. (kleur) blond
    «Bha falt bàn oirre»
    Ze had blond haar


Vietnamees

Zelfstandig naamwoord

bàn

  1. tafel: meubelstuk met een of meer poten, bedoeld om dingen op te zetten
    «bàn viết»
    schrijftafel
    «bàn ăn»
    eettafel
    «khăn bàn»
    tafellaken
    «bàn gấp lại được, bàn xếp»
    opvouwbare tafel
    «bàn đặt bên cạnh giừơng»
    nachttafel
    «bàn bi-a»
    biljarttafel
    «bàn làm việc»
    werktafel
    «bàn rửa mặt»
    toilettetafel
  2. set, spel
    «thua một bàn»
    een spel verliezen
    «sau bàn thứ nhất»
    na de eerste set
    «chơi một bàn quần vợt»
    een tennisset spelen
    «xong một bàn»
    een spel beëindigen

Werkwoord

bàn

  1. bespreken, bediscussiëren
    «bàn mãi mà vẫn chưa nhất trí»
    voortdurend discussiëren zonder tot unanimiteit te kunnen komen
    «bàn một vấn đề xã hội»
    commentaar geven op een sociale kwestie
    «bàn về một tác phẩm mới»
    een nieuw werk bespreken

Bijvoeglijk naamwoord

bàn

  1. vervaardigd
    «bàn máy»
    machinaal vervaardigd

Meer informatie