avus

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Latijn

Zelfstandig naamwoord

āvus m

  1. (familie) grootvader
    «Avus meus pulcher est.»
    Mijn grootvader is mooi.
  2. (poëtisch) voorvader
  3. oude man
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verbuiging