applicatie

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ap·pli·ca·tie
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord applicatie applicaties
verkleinwoord applicatietje applicatietjes

Zelfstandig naamwoord

applicatie v

  1. toepassing.
    • De applicatie van nieuwe technieken zorgde voor het oplossen van het probleem. 
  2. (informatica) een programma dat door een computer kan worden uitgevoerd
    • Heb jij die nieuwe applicatie al geïnstalleerd? 
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen