pasta

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pas·ta
enkelvoud meervoud
naamwoord pasta pasta's
verkleinwoord pastaatje pastaatjes

Zelfstandig naamwoord

pasta m

  1. de benaming voor een aantal Italiaanse deegproducten
  2. een moes van chocolade, pinda's, noten enz., veelal gebruikt als broodbeleg
    Chocopasta is een pasta die op brood gesmeerd kan worden.
Hyponiemen
Vertalingen

Meer informatie

Spaans

Werkwoord

vervoeging van
pastar

pasta

  1. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van pastar
  2. gebiedende wijs (bevestigend) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van pastar