-s-

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • -s-

Invoegsel

-s-

  1. een affix dat tussen twee delen van een samenstelling geplaatst wordt. Hierdoor worden de twee delen van een woord op toepasselijke wijze met elkaar verbonden. Het duidt op een bezitsrelatie en is historisch gezien verwant aan de genitief. De spelling kan die van de meervoudsvorm volgen, als er slechts één meervoudsvorm is. Wordt ook tussen-s genoemd.[1]
    Bakker + room → bakkersroom.
    Beroep + ethiek → beroepsethiek.
    Rijkelui + zoontje → rijkeluiszoontje.
Synoniemen
Verwijzingen
  1. Zie het Wikipedia-artikel [1]


Duits

Uitspraak

Invoegsel

-s-

  1. -s-
    «Abfertigung + Halle → Abfertigungshalle»
    luchthaventerminal, vertrekhal


Engels

Uitspraak

Invoegsel

-s-

  1. -s-
    «spoke + man → spokesman»
    woordvoerder


Noors

Uitspraak

Invoegsel

-s-

  1. -s-
    «arbeid + bluse → arbeidsbluse»
    werkblouse


Nynorsk

Uitspraak

Invoegsel

-s-

  1. -s-
    «oppdrag + givar → oppdragsgivar»
    opdrachtgever, opdrachtgeefster
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen