welslagen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wel·sla·gen
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord welslagen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

welslagen o [1]

  1. met een goede afloop, met een goede uitslag
    • Binnen de gevechtsleer is het bedenken van een juiste strategie met bijbehorende tactiek allesbepalend voor het welslagen van een missie.[2] 
    • Volgens wethouder Adriaan Visser (D66) klopt het dat het welslagen van Feyenoord City afhangt van de successen van de club. "Je kunt ook drie keer degraderen, we moeten realistisch zijn. Als het slecht gaat met de club, gaan de bezoekersaantallen aan het gebied ook omlaag." Daarom is volgens hem ook een scenario voor tegenvallende resultaten gemaakt.[3] 
Synoniemen
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

93 % van de Nederlanders
96 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. de Telegraaf Nico Bakker 12 april 2017
  3. de Telegraaf 8 februari 2017