wekker

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Een wekker.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wek·ker
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord wekker wekkers
verkleinwoord wekkertje wekkertjes

Zelfstandig naamwoord

wekker m

  1. een apparaat dat gebruikt wordt om de tijd bij te houden en een functie heeft die veel geluid produceert op een ingestelde tijd
    • Zet de wekker voor morgenochtend maar een halfuurtje eerder, het wordt druk morgen. 
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Anagrammen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen