wastafel

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Een wastafel.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • was·ta·fel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord wastafel wastafels
verkleinwoord wastafeltje wastafeltjes

Zelfstandig naamwoord

wastafel v / m

  1. een bak waarin men zich of iets wast
    • In onze kamer was ook een wastafel voorhanden. 
Synoniemen
Hyperoniemen
Overerving en ontlening
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie


Indonesisch

Woordafbreking
  • was·ta·fel
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

wastafel

  1. gootsteen, wastafel