wandaad

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wan·daad
Woordherkomst en -opbouw
  • Eind 18e eeuw gevormd uit daad handeling met het voorvoegsel wan- verkeerd.
enkelvoud meervoud
naamwoord wandaad wandaden
verkleinwoord wandaadje wandaadjes

Zelfstandig naamwoord

wandaad v

  1. een misdaad, een slechte of gruwelijke handeling
    Wie dieren pijn doet voor zijn plezier begaat een wandaad.
Vertalingen