vredig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vre·dig
Woordherkomst en -opbouw
  • Afleiding van vrede met het achtervoegsel -ig
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen vredig vrediger vredigst
verbogen vredige vredigere vredigste
partitief vredigs vredigers -

Bijvoeglijk naamwoord

vredig

  1. onverstoord door geschil of onrust
    • De vredige stemming werd ruw verstoord door het lawaai van een aanrijding. 
Vertalingen

Bijwoord

vredig

  1. op vredige wijze
    • Hij lag heel vredig te slapen. 
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.