Naar inhoud springen

voorlezen

Uit WikiWoordenboek
Michelle Obama leest voor
  • voor·le·zen
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
voorlezen
las voor
voorgelezen
klasse 5 volledig

voorlezen

  1. ditransitief hardop een tekst lezen ten aanhoren van anderen
    • Zijn moeder las hem voor het slapen gaan altijd een verhaaltje voor. 
     Omdat ik geen man heb die 's avond moe thuiskomt, kan ik maar beter gaan voorlezen op zo'n poëzieding?' Cynth nam me bezorgd op.[1]
     Wanneer tijd schaars is en je moet kiezen tussen troosten en voorlezen, dan delft voorlezen het onderspit.[2]
100 %van de Nederlanders;
98 %van de Vlamingen.[3]
  1. Jessie Burton vert. Marja Borg
    “De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024574704
  2. Lynn Berger
    “De tweede: over het zijn en krijgen van een tweede kind” (2021), De Correspondent, ISBN 9789082821697
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be