virago

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vi·ra·go
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord virago virago's
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

virago v

  1. (medisch) vrouw met een mannelijk voorkomen
  2. forse krachtige vrouw
  3. (pejoratief) aggressieve sterke vrouw
  4. de naam van Eva voor de zondeval
Synoniemen

Gangbaarheid

30 % van de Nederlanders;
33 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen