verwardheid

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·ward·heid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord verwardheid verwardheden
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

verwardheid v [1]

  1. (medisch) het niet meer helder kunnen denken;een psychische gesteldheid waarbij iemand zich niet meer kan oriënteren
     Onderweg in de trein praatte hij met zijn medereizigers over de politiek en over de nieuw aangelegde spoorlijnen, en evenals in Moskou was hij als verlamd door de verwardheid van zijn gedachten, een gevoel van ontevredenheid over zichzelf en een vaag besef van schaamte.[2]
     De onderzoekers zelf hopen veel informatie uit de gegevens te halen. "Het is interessant om te kijken wat voor soort overlast in welke gemeente voorkomt. Hoelang het duurt voordat mensen gaan klagen. Met welke overlast ze zitten. In welke combinatie dat voorkomt. Zo ligt psychische verwardheid vaak ten grondslag aan overlast", vertelt Vols.[3]
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Lev Tolstoj (vert. Wils Huisman)Anna Karenina” op Wikipedia (1877), G.A. van Oorschot op Wikipedia, ISBN 9789028276062
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 maart 2022 Weblink bron “Poep op je auto of eieren tegen het raam? Deze site geeft burenruzie-advies” (04-05-2019), NOS