verdunnen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

naamwoord van handeling
zelfstandig bijvoeglijk
verdunnen verdunnend
verdunning verdund
Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·dun·nen
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verdunnen
verdunde
verdund
zwak -d volledig

Werkwoord

verdunnen

  1. (ergatief) dunner worden
    Er is geconstateerd dat het laagje slijm tussen de 2 gewrichten van de hoef en been verdund is.
  2. (overgankelijk), (scheikunde) door toevoeging van oplosmiddel de concentratie verlagen
    Hij verdunde de oplossing tienvoudig.
Antoniemen
Vertalingen