toevallig
Uiterlijk
- toe·val·lig
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | toevallig | toevalliger | toevalligst |
| verbogen | toevallige | toevalligere | toevalligste |
| partitief | toevalligs | toevalligers | - |
toevallig
- bij toeval, niet met opzet
- ▸ wat moet je anders doen als je op Ibiza woont? Ik werd weer een levend, voelend mens die toevallig elk halfjaar op en neer moest naar Nederland voor een controle.[1]
- ▸ Ik was er toevallig op het goede moment, zodat je mij als je doek kon gebruiken.[2]
- ▸ Toevallig had ik aan het zwembad een gesprek gevoerd met een Zwitser, Wale, die met zijn gezin in een camper een rondreis maakte.[3]
- Het woord toevallig staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "toevallig" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 100 % | van de Vlamingen.[4] |
- ↑ Marion Pauw e.a.“4 wandelaars en een Siciliaan” (2022), The House of Books, ISBN 9789044363340
- ↑ Jessie Burton vert. Marja Borg“De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff
, ISBN 9789024574704 - ↑ Tim Voors“Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers

- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 9
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -ig in het Nederlands
- Bijvoeglijk naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 100 %