stopzetten

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stop·zet·ten
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
stopzetten


zette stop


stopgezet


zwak -t volledig

Werkwoord

stopzetten

  1. (overgankelijk) laten stilstaan of ophouden, afzetten, stilzetten
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
stopzetten

stopzetten

  1. (in een bijzin) meervoud verleden tijd van stopzetten
    ...dat wij stopzetten.
    ...dat jullie stopzetten.
    ...dat zij stopzetten.