slagerij

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sla·ge·rij
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord slagerij slagerijen
verkleinwoord slagerijtje slagerijtjes

Zelfstandig naamwoord

slagerij v

  1. (bedrijf) Het bedrijf van een slager
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie