Naar inhoud springen

slaapmuts

Uit WikiWoordenboek
Een man met slaapmuts,
(Der arme Poet op Wikipedia (nl) door Carl Spitzweg)
  • slaap·muts
enkelvoud meervoud
naamwoord slaapmuts slaapmutsen
verkleinwoord slaapmutsje slaapmutsjes

deslaapmutsv/m

  1. (hoofddeksel) meestal in een punt uitlopend hoofdbedekking van textiel, gedragen tijdens de nachtrust
    • Nu de nachten weer koud zijn draag ik een slaapmuts. 
  2. (drinken) borrel die men drinkt om goed te kunnen slapen
    • Voor het slapengaan neem ik altijd een slaapmutsje 
  3. (plantkunde) benaming voor Eschscholzia californica op Wikispecies
  • [2], [3] In de betekenis "borrel" en als plantennaam is het verkleinwoord "nachtmutsje" de gangbare vorm.
   2. zie: slaapmutsje   
99 %van de Nederlanders;
98 %van de Vlamingen.[2]