sell

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Engels

Uitspraak
vervoeging
onbepaalde wijs to sell
he/she/it sells
verleden tijd sold
voltooid
deelwoord
sold
onvoltooid
deelwoord
selling
gebiedende wijs sell

Werkwoord

sell

  1. verkopen



Pennsylvania-Duits

Uitspraak
Woordafbreking
  • sell
enkelvoud meervoud
m v o m/v/o
nominatief/
accusatief
seller selli sell selli
datief sellem
sem
sellre sellem
sem
selle

Aanwijzend voornaamwoord

sell

  1. dat, dit (derde persoon, enkelvoud, onzijdig, nominatief en accusatief)
    «Heitzudaage iss sell net meh die Regel.»
    Tegenwoordig is dat niet meer de norm.
    «Ich hab ihn gsaat [1], as sell waar eppes Neies zu mir.»
    Ik hab hem gezegd dat dit iets nieuws voor mij was.
Opmerkingen
  1. In het Pennsylvania-Duits wordt hier de accusatief gebruikt, in het Hoogduits de datief.