rog

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • rog
enkelvoud meervoud
naamwoord rog roggen
verkleinwoord roggetje
rogje
roggetjes
rogjes

Zelfstandig naamwoord

rog m

  1. (vissen) Batoidei of Hypotremata, een brede platte kraakbeenvis met een smalle staart
    • Kinderen verbazen zich vaak over de platte vorm van een rog. 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie