rijke

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • rij·ke

Bijvoeglijk naamwoord

rijke

  1. verbogen vorm van de stellende trap van rijk
Afgeleide begrippen
Woordherkomst en -opbouw
  • afgeleid van rijk met het achtervoegsel -e
enkelvoud meervoud
naamwoord rijke rijken
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

rijke

  1. iemand die veel bezit
    • En de rijken werden rijker en de armen werden armer. 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.