quote

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak

(klemtoonhomogram)

Woordafbreking
  • quote (1)
  • quo·te (2)
Woordherkomst en -opbouw
  • van het Engels (1) [1]
  • van het Latijnse 'quotum' (2)
1 enkelvoud meervoud
naamwoord quote quotes
verkleinwoord quoteje quotejes
2 enkelvoud meervoud
naamwoord quote quoten
verkleinwoord quotetje quotetjes

Zelfstandig naamwoord

quote v/m

  1. (taalkunde) een letterlijke passage die door iemand anders aangehaald wordt
    Volgens de quote van de buurman had hij er niets mee te maken.
  2. quotum
Synoniemen
Hyponiemen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl


Engels

Uitspraak
vervoeging
onbepaalde wijs to quote
he/she/it quotes
verleden tijd quoted
voltooid
deelwoord
quoted
onvoltooid
deelwoord
quoting
gebiedende wijs quote

Werkwoord

quote

  1. citeren

Zelfstandig naamwoord

quote

  1. quote
  2. offerte