pace

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Engels

enkelvoud meervoud
pace paces

Zelfstandig naamwoord

pace

  1. pas, stap
Synoniemen


Italiaans

enkelvoud meervoud
pace paci

Zelfstandig naamwoord

pace v

  1. vrede, rust, kalmte


Spaans

Werkwoord

vervoeging van
pacer

pace

  1. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van pacer
  2. gebiedende wijs (bevestigend) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van pacer