ophoesten

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • op·hoes·ten
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
ophoesten
hoestte op
opgehoest
zwak -t volledig

Werkwoord

ophoesten overgankelijk

  1. (medisch) door hoesten omhoog werken
  2. (informeel) produceren
    • wat een moeilijke vraag, je denkt toch niet dat ik het antwoord zo maar kan ophoesten 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen