luchtballon
Uiterlijk

- Geluid: luchtballon (hulp, bestand)
- IPA: / ˈlʏx(t)bɑlɔn / (3 lettergrepen)
- lucht·bal·lon
- In de betekenis van ‘luchtvaartuig waaraan een mand hangt’ voor het eerst aangetroffen in 1831 [1]
- samenstelling van lucht en ballon
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | luchtballon | luchtballonnen luchtballons |
| verkleinwoord | luchtballonnetje | luchtballonnetjes |
de luchtballon m
- (luchtvaart) luchtvaartuig bestaande uit een met gas of warme lucht gevulde ballon, waaronder een mandje voor passagiers hangt
- Het woord luchtballon staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "luchtballon" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 99 % | van de Vlamingen.[2] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "luchtballon" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 11
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Luchtvaart in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 99 %