kreuken

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kreu·ken
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
kreuken
kreukte
gekreukt
zwak -t volledig

Werkwoord

kreuken

  1. overgankelijk het aanbrengen van min of meer permanente vouwtjes in een glad oppervlak
    • De bladzijde werd door dat baldadige mispunt helemaal gekreukt. 
  2. ergatief gekreukt raken
    • Die linnen jurk is erg mooi, maar kreukt altijd verschrikkelijk. 
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders
98 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl