knots

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • knots
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen knots knotser meest knots
verbogen knotse knotsere meest knotse

Bijvoeglijk naamwoord

knots

  1. idioot, gek
Synoniemen
Afgeleide begrippen
enkelvoud meervoud
naamwoord knots knotsen
verkleinwoord knotsje knotsjes

Zelfstandig naamwoord

knots v/m

  1. een stok met een dikker uiteinde
    De boze holbewoner sloeg met zijn knots op de rots.
Synoniemen
Hyperoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Anagrammen
Vertalingen
Gangbaarheid
99 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl


Engels

Zelfstandig naamwoord

knots mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord knot