kampioenschap

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kam·pi·oen·schap
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kampioenschap kampioenschappen
verkleinwoord kampioenschapje kampioenschapjes

Zelfstandig naamwoord

kampioenschap o

  1. (sport) wedstrijd waar bepaald wordt wie de kampioenstitel mag dragen
Hyponiemen
Vertalingen
Gangbaarheid
100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie