hoof

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hoof

Werkwoord

vervoeging van
hoven

hoof

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van hoven
    • Ik hoof. 
  2. gebiedende wijs van hoven
    • Hoof! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van hoven
    • Hoof je? 


Afrikaans

Uitspraak
enkelvoud meervoud
naamwoord hoof hoofde

Zelfstandig naamwoord

hoof

  1. (anatomie) hoofd


Limburgs

Uitspraak
  • IPA: /ˈ(x)hoːf/ (Etsbergs)

Zelfstandig naamwoord

hoof

  1. v: hoeve, boerderij
  2. m/v: hoef
Verbuiging