geliefde

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·lief·de
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van geliefd met het achtervoegsel -e
enkelvoud meervoud
naamwoord geliefde geliefden
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

geliefde v/m

  1. een persoon waarmee men een liefdesrelatie onderhoudt
    Ik lig in bed met mijn geliefde.

Bijvoeglijk naamwoord

geliefde

  1. verbogen vorm van de stellende trap van geliefd
    Kabels van koper zijn een geliefde buit voor dieven.

Deelwoord

geliefde

  1. verbogen vorm van het voltooid deelwoord geliefd van gelieven

Werkwoord

vervoeging van
gelieven

geliefde

  1. onpersoonlijke verleden tijd van gelieven
    Het geliefde Zijne Majesteit onze stad te bezoeken.

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.