geliefde

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·lief·de
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van geliefd met het achtervoegsel -e
enkelvoud meervoud
naamwoord geliefde geliefden
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

geliefde v/m

  1. een persoon waarmee men een liefdesrelatie onderhoudt
    • Ik lig in bed met mijn geliefde. 
    • Het verhaal is losjes gebaseerd op een slecht gedocumenteerd historisch mengsel van feit en achterklap: de driehoeksverhouding tussen de Britse koningin Anne, haar jeugdvriendin, belangrijkste adviseur en misschien wel geliefde Sarah Churchill (Rachel Weisz) en het ambitieuze kamermeisje Abigail Masham. [1] 

Bijvoeglijk naamwoord

geliefde

  1. verbogen vorm van de stellende trap van geliefd
    • Kabels van koper zijn een geliefde buit voor dieven. 

Deelwoord

geliefde

  1. verbogen vorm van het voltooid deelwoord geliefd van gelieven

Werkwoord

vervoeging van
gelieven

geliefde

  1. onpersoonlijke verleden tijd van gelieven
    • Het geliefde Zijne Majesteit onze stad te bezoeken. 
vervoeging van
gelieven

geliefde

  1. enkelvoud verleden tijd van gelieven
    • Ik geliefde. 
    • Jij geliefde. 
    • Hij, zij, het geliefde. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen