garçon

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Frans

enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  garçon     le garçon     garçons     les garçons  

Zelfstandig naamwoord

garçon m

  1. jongen
    Il a deux garçons et une fille.Hij heeft twee jongens en een meisje.
  2. ober, kelner
    Garçon, viens ici, je veux payer.Ober, kom hier, ik wil betalen.
Verwante begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  • garçon de boucher
    • slagersknecht
  • rester garçon
    • niet trouwen