dooier

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dooi·er
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord dooier dooiers
verkleinwoord dooiertje dooiertjes

Zelfstandig naamwoord

dooier m

  1. het geel gekleurde deel van de binnenkant van een ei
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
  • 1. binnenkant van een ei
Gangbaarheid
100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl