Naar inhoud springen

diploma

Uit WikiWoordenboek
[2] Het diploma van Nobelprijswinnaar Paul Krugman op Wikipedia (nl)
  • di·plo·ma
  • Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘bewijs van slagen voor examen’ voor het eerst aangetroffen in 1656 [1]
  • [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord diploma diploma's
verkleinwoord diplomaatje diplomaatjes

hetdiplomao

  1. (onderwijs) een bewijs van bevoegdheid, bewijs dat je een examen hebt gehaald
    • Vijftig procent van de kinderen heeft een diploma gehaald bij de zwemclub. 
     “Blijf weg uit de bars en disco's en zorg dat je een diploma haalt,' zegt ze nadrukkelijk.[3]
     Zijn vader stuurde hem naar de hbs in Dordrecht, in de verwachting dat hij na die schoolopleiding wel tot andere inzichten zou zijn gekomen, maar na het behalen van zijn diploma bleek Arnolds ambitie niet veranderd.[4]
     Ik neem aan dat u een diploma algemene handelskennis hebt?' 'Ik heb de Slagersvakschool gedaan,' zei Rensing.[5]
  2. getuigschrift horende bij een prijs
  3. document dat bestaat uit een blad dat dwars op de lengterichting doormidden is gevouwen
100 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[6]
enkelvoud meervoud
diploma diplomas, diplomata

diploma

  1. diploma