denigreren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • de·ni·gre·ren
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
denigreren
denigreerde
gedenigreerd
zwak -d volledig

Werkwoord

denigreren

  1. overgankelijk op spottende en laatdunkende wijze bekritiseren
    Het is niet bedoeld om te denigreren.
  2. zwartmaken
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders
95 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Wiktionnaire
  2. etymologiebank.nl