check
Uiterlijk
- check
- van het Engels
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | check | checks |
| verkleinwoord | checkje | checkjes |
de check m
- een controlerende actie
- Doe voor de zekerheid nog een check met recente antivirussoftware.
| vervoeging van |
|---|
| checken |
check
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van checken
- Ik check.
- gebiedende wijs van checken
- Check!
- (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van checken
- Check je?
- ▸ Maar ik dacht ik check toch even bij jou.[1]
- ▸ Ik check mijn telefoon en zie dat ik nog drie kwartier heb voordat ik aan het ontbijt word verwacht.[2]
- ▸ 200 Ik analyseer de stapels op mijn bed en check opnieuw de ultieme Camino-paklijst: 'De regel voor de bagage is dat je maximaal 10 procent van je lichaamsgewicht draagt'.[3]
- Het woord check staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "check" herkend door:
| 96 % | van de Nederlanders; |
| 97 % | van de Vlamingen.[4] |
- ↑ Marion Pauw e.a.“4 wandelaars en een Siciliaan” (2022), The House of Books, ISBN 9789044363340
- ↑ Ronald Giphart e.a.“Een familie en een Griekse god” (2023), The House of Books, ISBN 9789044366471
- ↑ “De Camino” (2021), Luitingh-Sijthoff
, ISBN 9789024582280 - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
- Geluid: check (VS) (hulp, bestand)
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| check | checks |
check
- check, controle, keuring
- inspectie
- onderzoek
- (schaak) schaak zn [1] (stand op het schaakbord)
- «The king is in check.»
- De koning staat schaak.
- «The king is in check.»
- (financieel), (economie), (Amerikaans Engels) cheque
- markering
- kleine spleet of kier
- (Brits Engels) cheque (2)
| vervoeging | |
|---|---|
| onbepaalde wijs | to check |
| he/she/it | checks |
| verleden tijd | checked |
| voltooid deelwoord |
checked |
| onvoltooid deelwoord |
checking |
| gebiedende wijs | check |
check
- overgankelijk checken, controleren
- overgankelijk inspecteren
- overgankelijk aanvinken, aankruisen
- overgankelijk afvinken
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 5
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- WikiWoordenboek:Pagina's die ISBN magische koppelingen gebruiken
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 96 %
- Prevalentie Vlaanderen 97 %
- Woorden in het Engels
- Woorden in het Engels van lengte 5
- Woorden in het Engels met audioweergave
- Zelfstandig naamwoord in het Engels
- Schaak in het Engels
- Financieel in het Engels
- Economie in het Engels
- Werkwoord in het Engels
- Overgankelijk werkwoord in het Engels