bovenverdieping

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

trap naar een bovenverdieping
Uitspraak
Woordafbreking
  • bo·ven·ver·die·ping
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord bovenverdieping bovenverdiepingen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

bovenverdieping v [1]

  1. hoger (hoogst) gelegen etage in een gebouw
    • De explosie vond plaats om 06.45 uur in de ochtend. De gehele bovenverdieping lijkt daarbij te zijn weggevaagd en in brokstukken op straat terecht te zijn gekomen. Ook andere woningen in het complex zijn beschadigd. Direct na de ontploffing brak brand uit, maar die is inmiddels geblust. Het gasnet is preventief afgesloten.[2] 
  2. (schertsend) de hersenen en het verstand
Synoniemen
Uitdrukkingen en gezegden
  • het scheelt hem in zijn bovenverdieping
hij is niet goed wijs
Vertalingen


Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. NRC Jorg Leijten Sjoerd Klumpenaar 19 april 2017