bondig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bon·dig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen bondig bondiger bondigst
verbogen bondige bondigere bondigste

Bijvoeglijk naamwoord

bondig

  1. zo kort maar toch ook krachtig mogelijk
    Je kunt veel zeggen van Fidel Castro maar bondige speeches houden is niet zijn sterkste punt.