kernachtig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kern·ach·tig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen kernachtig kernachtiger kernachtigst
verbogen kernachtige kernachtigere kernachtigste
partitief kernachtigs kernachtigers -

Bijvoeglijk naamwoord

kernachtig

  1. raak gezegd, in weinig woorden raak samenvattend
    • Dat was de kernachtigste verwoording die ik daar ooit van gehoord heb. 
Vertalingen
stellend vergrotend overtreffend
kernachtig kernachtiger het kernachtigste


Bijwoord

kernachtig

  1. op kernachtige wijze
    • Dat sprak hij kernachtig tegen. 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.