boeken

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • boe·ken
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
boeken
boekte
geboekt
zwak -t volledig

Werkwoord

boeken

  1. overgankelijk reserveren van bijvoorbeeld een hotelkamer
    • We hebben drie kamers met zicht op zee geboekt. 
  2. verwerken in een boekhouding
    • De boekhouder boekte alle posten nauwgezet in de administratie. 
  3. behalen van een gewenst doel (succes boeken, een overwinning boeken)
    • Bedrijven boeken succes in gevecht om emissierechten.[1] 
Antoniemen
Uitdrukkingen en gezegden
  • succes boeken
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Zelfstandig naamwoord

boeken mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord boek

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Joop Meijnen NRC 3 mei 2016

Meer informatie