beschaving

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·scha·ving
Woordherkomst en -opbouw
  • Naamwoord van handeling van beschaven met het achtervoegsel -ing.
enkelvoud meervoud
naamwoord beschaving beschavingen
verkleinwoord beschavinkje beschavinkjes

Zelfstandig naamwoord

beschaving v

  1. de complexe maatschappij waarin veel van de mensen in steden leven en hun voedsel door middel van landbouw verkrijgen
    • De Chinese beschaving staat al lange tijd op een hoog peil. 
  2. de mate waarin iemand gevormd is
    • Deze mensen zijn zonder enige vorm van beschaving, ze lezen niet, ze luisteren niet naar klassieke muziek, zijn niet volgens de laatste mode gekleed en praten plat. 
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie