bereiken

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·rei·ken
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
bereiken
bereikte
bereikt
zwak -t volledig

Werkwoord

bereiken

  1. (overgankelijk) fysiek bij de andere kant aankomen
    De zwemmer had net genoeg kracht om de overkant te bereiken.
  2. (overgankelijk) het informeren van personen
    De campagne wist een groot publiek te bereiken.
  3. (overgankelijk) een bepaald doel verwezenlijken
    Nadat de voetbalclub het hoogste niveau had bereikt, werd er uitbundig gefeest.
Vertalingen
Onderstaande vertalingen dienen nagekeken te worden en omgezet in de bovenstaande tabellen. Nummers na de vertalingen komen niet noodzakelijk overeen met de opgegeven definities. Voor meer uitleg zie WikiWoordenboek:Hoe vertalingen nakijken.