belonen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·lo·nen
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van loon met het voorvoegsel be- met het achtervoegsel -en of afgeleid van lonen met het voorvoegsel be-
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
belonen
beloonde
beloond
zwak -d volledig

Werkwoord

belonen

  1. (overgankelijk) een prestatie of goede daad met geld of op een andere manier erkennen
    Zijn werk werd goed beloond.
    Prestaties bij STRAVA worden beloond met kudo's.
Afgeleide begrippen
Vertalingen