loon

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • loon
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord loon lonen
verkleinwoord loontje loontjes

Zelfstandig naamwoord

loon o

  1. (economie) financiële vergoeding voor geleverde arbeid
  2. (figuurlijk) beloning
  3. (figuurlijk) straf
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl

Werkwoord

vervoeging van
lonen

loon

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van lonen
    Ik loon.
  2. gebiedende wijs van lonen
    Loon!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van lonen
    Loon je?