aspect

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • as·pect
enkelvoud meervoud
naamwoord aspect aspecten
verkleinwoord aspectje aspectjes

Zelfstandig naamwoord

aspect o

  1. een kant of zijde (aan een kwestie of object, om te beschouwen)
    Er is nog een ander belangrijk aspect aan deze zaak.
    Dit probleem kent vele aspecten, waarvan sommige conflicteren
  2. visie
    Een aspect dat meegewogen moet worden, is uw mening
    Een aspect dat uw aandacht verdient
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie


Engels

enkelvoud meervoud
aspect aspects

Zelfstandig naamwoord

aspect

  1. aspect