ambtsdrager
Uiterlijk
- Geluid: ambtsdrager (hulp, bestand)
- IPA: / ˈɑmptsdraɣər / (3 lettergrepen)
- ambts·dra·ger
- samenstelling van ambt en drager met het invoegsel -s- [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | ambtsdrager | ambtsdragers |
| verkleinwoord |
de ambtsdrager m
- iemand die een belangrijk ambt vervult met name gebruikt bij kerkelijke- en overheidsfuncties
- Tijdens een ontmoeting met Cavusoglu stelde de Duitse minister voor Buitenlandse Zaken Sigmar Gabriel dat “bepaalde grenzen niet overschreven mogen worden en een van hen is de vergelijking met Nazi-Duitsland”. De Duitse regering wil Turkse politici niet verbieden campagne te voeren in Duitsland, ook al bepaalde het constitutionele hof in Duitsland vrijdagmiddag dat de Duitse regering een spreekverbod voor buitenlandse politici mag afdwingen. Volgens de rechters hebben buitenlandse ambtsdragers geen recht om hun functie in Duitsland uit te oefenen.[2]
1. iemand die een belangrijk ambt vervult met name gebruikt bij kerkelijke- en overheidsfuncties
- Het woord ambtsdrager staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ NRC Huib De Zeeuw 10 maart 2017
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 11
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Invoegsel -s- in het Nederlands
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal