agile

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • agile
Woordherkomst en -opbouw
  • van Engels agile, als manier om computerprogramma's te ontwikkelen die vooral gericht is op snel te bereiken concrete resultaten, die steeds verder verbeterd worden [1]

Bijwoord

  1. (bedrijfskunde) op een slagvaardige, wendbare manier met vermijding van verstarde procedures en organisatiestructuren
     Agile werken’ bijvoorbeeld, de hype uit 2017 om bedrijven ‘wendbaarder’ te maken.[2]
     Wat zelfsturing is voor onder meer de zorg, is agile voor overheden, dienstverlening en ict, en lean voor de industrie: moderne organisatievormen die bedrijven en instellingen wendbaarder en slagvaardiger moeten maken.[3]
Typische woordcombinaties
  • agile werken
Hyperoniemen

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. agile op website: Etymologiebank.nl
  2. Bronlink geraadpleegd op 9 mei 2021 Weblink bron Japke-d. Bouma “‘Content’, ‘input’ en ‘learnings’ – lieve lezers, ik heb jullie nodig” (24 september 2020) op nrc.nl
  3. Bronlink geraadpleegd op 9 mei 2021 Weblink bron Joris Kooiman “Iedereen agile, zo makkelijk is dat nog niet” (28 augustus 2019) op nrc.nl


Engels

Uitspraak
stellend vergrotend overtreffend
agile more agile most agile

Bijvoeglijk naamwoord

agile

  1. lenig, beweeglijk, behendig


Frans

Uitspraak
  enkelvoud meervoud
  mannelijk  /
  vrouwelijk  
agile agiles

Bijvoeglijk naamwoord

agile

  1. lenig