afstandsbediening
Uiterlijk
- Geluid: afstandsbediening (hulp, bestand)
- IPA: / ˈɑfstɑn(t)sbəˌdinɪŋ / (5 lettergrepen)
- af·stands·be·die·ning
- samenstelling van afstand en bediening met het invoegsel -s-
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | afstandsbediening | afstandsbedieningen |
| verkleinwoord | afstandsbedieninkje | afstandsbedieninkjes |
de afstandsbediening v
- (elektrotechniek) een toestel dat vanaf afstand een ander toestel bestuurt
- De batterij van de afstandsbediening was weer eens leeg.
- ▸ Zonder iets te zeggen ging hij op de bank zitten en pakte de afstandsbediening. Neurotisch zapte hij van de ene naar de andere zender.[1]
een toestel dat vanaf afstand een ander toestel bestuurt
- Het woord afstandsbediening staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 17
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 5 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Invoegsel -s- in het Nederlands
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Elektrotechniek in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal