Kaufmann

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Duits

Uitspraak
Woordafbreking
  • Kauf·mann
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Middelhoogduitse zelfstandige naamwoord "koufman", dat van het Oudhoogduitse zelfstandige naamwoord "choufman" komt
  • Samenstelling van de stam "kauf" van het Duitse werkwoord kaufen en het Duitse zelfstandige naamwoord Mann
enkelvoud meervoud
nominatief der Kaufmann die Kaufleute
genitief des Kaufmannes
des Kaufmanns
der Kaufleute
datief dem Kaufmann den Kaufleuten
accusatief den Kaufmann die Kaufleuten
verouderde
meervouds-
vormen
enkelvoud meervoud
nominatief die Kaufmänner
genitief der Kaufmänner
datief den Kaufmännern
accusatief die Kaufmänner

Zelfstandig naamwoord

Kaufmann, m

  1. (beroep), (economie) handelaar, koopman, zakenman
  2. (beroep), (economie) medewerker in een commercieel beroep
Afkorting
Synoniemen
Hyponiemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen