suite
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- sui·te
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | suite | suites |
| verkleinwoord | suitetje | suitetjes |
Zelfstandig naamwoord
- (bouwkunde) een woning voornamelijk bestaande uit een voor- en achterkamer gescheiden door schuifdeuren
- Toen hij zijn suite betrok, werd dit ingeluid met een concertje tussen de schuifdeuren.
- een uigebreide hotelkamer, vaak bestaande uit meer dan een vertrek
- (muziek) een muziekstuk bestaande uit een opeenvolging van een aantal dansen
- De klassieke suite bestond gewoonlijk uit een allemande, een courante en een sarabande met als slotstuk een snelle gigue.
- (geologie), (scheikunde) een groep gesteenten die chemisch, mineralogisch of anderszins bij elkaar horen, maar geen duidelijke gelaagdheid of andere structuur vertonen waarop ze in eenheden in te delen zijn
- Stollingsgesteentes worden vaak in suites ingedeeld.
- (kaartspel) een reeks van drie of meer opeenvolgende kaarten
- (verouderd) gevolg, stoet
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.