scherp
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- scherp
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | scherp | scherper | scherpst |
| verbogen | scherpe | scherpere | scherpste |
Bijvoeglijk naamwoord
scherp
- goed snijdend: een scherp mes, een scherpe bijl.
- (van een hoek) van minder dan 90°: scherpe, rechte en stompe hoeken; een scherpe bocht
- beter dan gemiddeld: scherpe prijzen.
- de zintuigen sterk, vaak negatief, prikkelend: scherpe, irritante geluiden; een scherpe tong.
- sterk smakend, hartig, pikant, pittig: scherpe knoflooksaus.
- heel afkeurend: scherpe kritiek op plannen van minister D.
- duidelijk weergegeven: foto's met scherpe contouren.
- scherpzinnig: een scherpe blik.