scherp

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • scherp
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen scherp scherper scherpst
verbogen scherpe scherpere scherpste

Bijvoeglijk naamwoord

scherp

  1. goed snijdend: een scherp mes, een scherpe bijl.
  2. (van een hoek) van minder dan 90°: scherpe, rechte en stompe hoeken; een scherpe bocht
  3. beter dan gemiddeld: scherpe prijzen.
  4. de zintuigen sterk, vaak negatief, prikkelend: scherpe, irritante geluiden; een scherpe tong.
  5. sterk smakend, hartig, pikant, pittig: scherpe knoflooksaus.
  6. heel afkeurend: scherpe kritiek op plannen van minister D.
  7. duidelijk weergegeven: foto's met scherpe contouren.
  8. scherpzinnig: een scherpe blik.
Antoniemen
  1. bot
  2. stomp
  3. ...
  4. welluidend
  5. flauw, laf
  6. mild
  7. flou, onscherp, troebel, wazig
  8. ...
Vertalingen
Persoonlijke instellingen